Nieuws
18-04-2016
NIVEL gegevens bruikbaar voor monitoring VN-verdrag handicap

Het NIVEL verzamelt gegevens voor de monitor maatschappelijke participatie. Deze gegevens blijken goed bruikbaar te zijn voor een deel van de monitoring van het VN-verdrag voor rechten van personen met een handicap. Om het volledige verdrag te monitoren zijn meer gegevens nodig, bijvoorbeeld van jongeren met beperkingen en mensen met een zintuigelijke beperking. Het College voor de Rechten van de Mens staat in de startblokken om te monitoren hoe Nederland uitvoering geeft aan het VN-verdrag en zoekt naar de juiste graadmeters om te volgen of mensen met beperkingen werkelijk kunnen meedoen in de samenleving. Collegelid Nicola Jägers: “De data die het NIVEL in de afgelopen jaren heeft verzameld, zijn heel goed bruikbaar voor de monitoring van het VN-Verdrag inzake de Rechten van Personen met een handicap.”

Graadmeters voor naleving van het verdrag
Doel van het VN-verdrag is de volledige inclusie in de maatschappij van mensen met beperkingen en/of chronische ziekten. Naar verwachting ratificeert Nederland het verdrag dit jaar. Ter voorbereiding op de monitoringstaak heeft het College voor de Rechten van de Mens in samenwerking met organisaties in het veld indicatoren geselecteerd voor een aantal artikelen uit het VN-verdrag, waaronder zelfstandig wonen en deel uitmaken van de maatschappij. De indicatoren zijn gebaseerd op vragen die al jaren worden gesteld aan mensen met chronische ziekten en beperkingen die deelnemen aan de NIVEL-panels. In zijn eindrapport maakt het College gebruik van deze door de jaren opgebouwde kennis. Er is dus al veel informatie beschikbaar over het belang van bepaalde verdragsartikelen. Alhoewel het verdrag geen streefwaarden geeft, kun je hiermee wel laten zien hoe Nederland er voor staat en of mensen minder obstakels ervaren en hun positie verbetert.

Mensen met beperkingen: om wie gaat het?
In de NIVEL-panels wordt soms nadrukkelijk gevraagd naar de ervaringen van de personen met een beperking, zoals hun behoefte aan werk, dagbesteding of ondersteuning en de door hen ervaren belemmeringen voor betaald werk en motivatie voor vrijwilligerswerk. Deze gegevens zijn een waardevolle aanvulling op registraties van bijvoorbeeld het aantal mensen met een beperking dat is ingeschreven bij een onderwijsinstelling.
We beschikken over deze informatie van mensen met lichamelijke beperkingen en chronische ziekten in het Nationaal Panel Chronisch zieken en Gehandicapten (NPCG), mensen met verstandelijke beperkingen in het Panel Samen Leven (PSL) en van mensen met psychische aandoeningen in het Panel Psychisch Gezien (PPG) van het Trimbos-instituut. Voor deze groepen is nu een overzicht gegeven van hun participatie in de samenleving, maar dat is niet voor alle groepen mogelijk, zoals voor jongeren en mensen met een zintuiglijke beperking. Voor een duurzame monitoring van het VN-verdrag is dus niet alleen een bezinning nodig op de graadmeters maar ook op de mogelijkheden om alle mensen te bereiken om wie het gaat.

Subsidiënt
College voor de Rechten van de Mens

Samenwerkingspartner(s)
Trimbos-instituut